De nationale voorleesdagen 2021

De nationale voorleesdagen

Van 20 t/m 30 januari zijn de nationale voorleesdagen van 2021. Elk jaar staat er een prentenboek centraal dat uitverkozen is door het comité van jeugdbibliothecarissen. 

Prentenboek van het jaar 2021 is “Coco kan het!” van Loes Riphagen.
Dit boek met mooie illustraties gaat over vogel Coco. Voor Coco is het een grote dag.
Alle babyvogels gaan voor het eerst vliegen. Alleen Coco durft niet. Wat als ze valt?
Of als een kat haar grijpt? Maar als het wél lukt, kan ze samen met haar vriendjes mooie vormen vliegen. Is Coco klaar om haar vleugels uit te slaan?

Leuke tip: Op Youtube kun je een leuk filmpje vinden van Loes Riphagen die uit haar eigen boek voorleest.

Voorlezen is niet alleen erg gezellig en leuk, maar ook heel belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Het voorlezen aan je kind zorgt ervoor dat hun taalinzicht groter wordt. In verhalen worden andere woorden en zinnen gebruikt dan in de spreektaal, dus kunnen kinderen hun woordenschat vergroten. En ook het gevoel voor zinsbouw en grammatica ontwikkelt zich doordat ze in aanraking komen met boekentaal. Dit laatste kun je bijvoorbeeld stimuleren door de plaatjes in het boek met je kind te bekijken en vervolgens te benoemen. En van moeilijke woorden kun je voorbeelden geven.

Dankzij voorlezen komen kinderen in aanraking met nieuwe situaties en leren ze aan de hand van het verhaal hoe ze om kunnen gaan met deze situaties.
Voorlezen kan ook bijdragen aan de relatie tussen ouder en kind. Je verdiept je namelijk samen met jouw kind in een verhaal en jullie beleven daardoor samen veel plezier aan een verhaal.

Maar hoe lees je nu op een goede en leerzame manier voor? Hier zijn verschillende tips voor. 
Het belangrijkste is, kies een goed boek passend bij de leeftijd. In de bibliotheek is een breed aanbod te vinden. Vaak staan de boeken gesorteerd op thema of op leeftijdscatagorie. 
En heb je je wel eens afgevraagd waarom kinderen graag nog eens datzelfde verhaal eindeloos willen horen? Bij de eerste keer voorlezen zijn ze geboeid, bij de tweede keer is er het feest der herkenning, bij de volgende keren krijgen ze oog voor detail en ontdekken ze steeds weer iets nieuws in de plaatjes.
Hetzelfde boek een paar keer voorlezen hoeft voor jou niet saai te zijn als je elke keer een ander onderwerp verzint om het na het voorlezen over te hebben: het thema of de personages. 

Wil je het verhaal nog spannender of boeiender maken? Gebruik dan eens jouw verbeelding om "stemmetjes" aan de personages te geven. Dit geeft vaak hilarische reacties bij de (vooral) wat oudere kinderen. 
Bij peuters is dit nog niet zo belangrijk. In prentenboeken staan vaak veel korte spreekteksten. Het is niet nodig om je extra in te spannen en met verschillende stemmetjes voor te lezen. Bij peuters is dat nog niet zo aan de orde. Als je langzaam voorleest, goed articuleert en je kind tijdens het voorlezen regelmatig aankijkt, dan tref je vaak veel beter de toon en zal je kind goed begrijpen wie er in het boek iets zegt.

Wanneer er moeilijke woorden in het boek staan, worden deze in de context van het verhaal vaak wel duidelijk. Zo niet, dan kun je jouw kind helpen om het nieuwe woord te leren door er een plaatje bij aan te wijzen, een voorbeeld te geven of een vervangend woord te gebruiken. Naderhand kun je ook het moeilijke woord er weer bijhalen. Zo onthoudt je kind het woord beter, dit helpt bij de ontwikkeling van het taalgebruik.

Wist je dat bij veel bibliotheken kinderen een gratis lidmaatschap kunnen afsluiten? Dan kun je vaak leuke nieuwe boeken lenen. Of ruil eens met een vriendin of buurvrouw van kinderboeken.